EditieNº MMXXVI · 2026
Onafhankelijke uitgavemaandag 10 augustus 2026

Kijken naar schilderkunst en beeldhouwwerk, en uitleggen wat je ziet
De negentiende eeuw

Postimpressionisme: verder waar het licht ophield

Geen stroming maar een generatie die vond dat het impressionisme te weinig overhield. Wat Cézanne, Gauguin en Van Gogh erbij zochten.

Gauguin: twee Tahitiaanse vrouwen, een met een schaal rode vruchten, tegen groen en geel gebladerte
Foto: Paul Gauguin — Public domain · Wikimedia Commons

Een verzamelnaam, geen beweging

Postimpressionisme is een term die achteraf is bedacht voor een groep schilders die weinig met elkaar gemeen hadden behalve een startpunt en een bezwaar. Het startpunt was het impressionisme; het bezwaar was dat het te vluchtig was.

Want als u alleen de indruk van een moment vastlegt, wat blijft er dan over? Cézanne zocht de bouw onder de indruk, Seurat de wetmatigheid van de kleur, Gauguin de betekenis en Van Gogh het gevoel. Vier antwoorden op één vraag, en daarom vier heel verschillende soorten schilderijen.

Wat er technisch verandert

Het kleurvlak keert terug. Waar de impressionist duizend streepjes zet, legt Gauguin een gesloten vlak neer met een duidelijke rand eromheen. Dat is bijna middeleeuws — hij keek dan ook naar glas-in-lood en naar Japanse prenten.

De kleur laat de waarneming los. In het werk hierboven zijn de schaduwen op de huid groen en het gebladerte is dieper blauw dan het ooit was. Dat is geen fout maar een keuze: kleur mag voortaan uitdrukken in plaats van beschrijven.

En de compositie wordt weer gebouwd. Let op hoe de twee figuren het doek precies vullen, hoe de schaal met vruchten op het snijpunt van de armen ligt en hoe de horizontale banden van de kleding het beeld rustig houden. Er is niets toevalligs aan.

De ongemakkelijke kant van Gauguin

Er is bij dit werk iets te zeggen wat vroeger werd overgeslagen. Gauguin schilderde deze vrouwen op Tahiti als deel van een paradijs dat hij zelf had bedacht en dat er, ook toen hij aankwam, allang niet meer was.

Dat maakt de schilderijen niet slechter, maar het maakt ze wel tot iets anders dan een venster op een andere cultuur. Wat u ziet is een Europees verlangen, geschilderd op Polynesische modellen. Wie dat weet, kijkt scherper — naar de schoonheid én naar wat er ontbreekt.

Ik zeg dat niet om een oordeel te vellen over een dode schilder, maar omdat kijken naar kunst ook betekent dat u weet wie er kijkt en waarom.

Waarom deze generatie zo zwaar weegt

Vrijwel alles wat in de twintigste eeuw gebeurt, begint hier. Cézanne leidt rechtstreeks naar het kubisme, Gauguin en Van Gogh naar het expressionisme, Seurat naar de abstractie.

De stap die zij zetten is klein te formuleren en enorm in gevolgen: een schilderij hoeft niet meer te lijken. Het mag zijn eigen wetten hebben, zolang die maar ergens toe leiden. Vanaf dat moment is de vraag bij een doek niet meer of het klopt, maar of het werkt.

Veelgestelde vragen

Is Van Gogh een impressionist of een postimpressionist?
Het laatste. Hij leerde in Parijs van de impressionisten en ging er daarna dwars tegenin: dikkere verf, hardere kleur en een streek die zijn eigen richting volgt in plaats van het licht.
Wat bedoelde Cézanne met kegel, bol en cilinder?
Dat elk zichtbaar ding tot een grondvorm terug te brengen is, en dat u een schilderij op die vormen kunt bouwen in plaats van op de omtrek. Die opmerking is voor de kubisten later het startschot geweest.