Vervorming als middel, niet als fout
Het expressionisme begint bij een eenvoudige constatering: een nauwkeurige weergave van een situatie brengt niet over hoe die situatie aanvoelde. Wie bang is, ziet de wereld niet in juiste verhoudingen. Dus waarom zou een schilderij van angst die verhoudingen wel aanhouden?
Vanaf daar wordt alles instrument. Kleur mag onnatuurlijk zijn, een gezicht mag uitrekken, een straat mag kantelen. De maatstaf is niet meer of het klopt met de waarneming, maar of het klopt met de ervaring.
De Schreeuw ontleed
Het werk hierboven is het bekendste voorbeeld ter wereld en tegelijk een van de meest misbegrepen. Er wordt meestal gedacht dat de figuur schreeuwt. Munch schreef zelf dat hij een schreeuw door de natuur hoorde gaan en zijn oren dichthield.
Dat verandert alles aan wat u ziet. De golvende lucht is niet decoratie maar het geluid zelf; de figuur is niet de bron maar de ontvanger. Kijk hoe de lijnen van de lucht doorlopen in het lichaam — er is geen contour die de mens van zijn omgeving scheidt. Alleen de brug en de reling blijven recht, en dat is precies wat een paniekaanval doet: de wereld golft, het bouwwerk niet.
De twee figuurtjes op de achtergrond lopen rustig door. Zonder die twee zou het beeld over de wereld gaan; met die twee gaat het over één man.
Twee soorten expressionisme
In Duitsland splitst de beweging zich rond 1910 in twee groepen die maar half met elkaar te maken hebben.
Die Brücke in Dresden is hoekig, rauw en stedelijk: harde kleurvlakken, houtsnedeachtige randen, onderwerpen uit het nachtleven en de straat.
Der Blaue Reiter in München is lyrischer en filosofischer, met kleur als muziek, en beweegt van daaruit rechtstreeks door naar de abstractie.
Wat ze delen is het uitgangspunt van Munch en Van Gogh: de schilder zet zijn binnenkant buiten, en de techniek volgt daaruit.
Waaraan u het herkent
Aan kleur die niet uit de waarneming komt: groene gezichten, rode luchten, blauwe schaduwen zonder aanleiding.
Aan de rand. Expressionistische vormen hebben vaak een zware, donkere omtrek, alsof ze uit hout gesneden zijn — wat bij Die Brücke ook letterlijk het geval was.
En aan de ruimte. Die klopt zelden. Vloeren kantelen omhoog, kamers zijn te smal, straten lopen naar u toe in plaats van van u af.
